op avontuur 1995
|
Reisverslag door Peter Bos van zijn motorvakantie in 1995 door noordoost Spanje. Dit verslag is ook is verschenen in het blad Outdoor Magazine.
Het vervoer van de motoren is deze reis via een vrachtwagen verlopen. Een vervoerder die wekelijks op Spanje/Frankrijk rijd heeft de motoren op een depot van hun in Perpignan gelost.Wij zijn vervolgens met de slaaptrein er naar toe gegaan. Onze andere reizen zijn meestal met de autoslaaptrein gegaan vanuit den Bosch. Je komt dan aan in bv. Narbonne of Biaritz. Ook Italië was mogelijk.Ik zeg bewust was want de NS heeft hun enige rendabele dienst gestaakt.Er rijden dus geen autoslaaptreinen meer. Ook hebben we een keer een busje gehuurd toen we met 3 motoren in de Franse alpen hebben getoerd. Dit jaar (2003) weten we nog niet hoe het vervoer zal gaan.
|
|
|
Deze motor-rit is verreden door : Harry Molenaar op een Triumph 3-TA. Peter
Bos op een Triumph 3-TA. Rob
de Boer op een Chang Jiang met zijspan. Arnold
Post op een Chang Jiang met zijspan. De
reis is begonnen op 27-7-95 op het
NS-station van Hilversum alwaar wij de slaaptrein naar Perpignan
namen. De treinreis was op zich weinig bijzonder, wat ons tegen zat was
dat er te weinig eten aan boord bleek te zijn. Wij hebben van de
dienst doende steward zo mogelijk alle snacks gekocht om toch nog
wat te hebben. Ons avondeten bestond dus uit voornamelijk toastjes met
kaas, paté en wat zoutjes. Dit , vergezeld met de nodige biertjes, was
dus ons avondmaal. Eenmaal op weg bleek tegen de avond dat wij onze
couchette met nog een Frans sprekend echtpaar moesten delen. Hier hadden
wij niet zo veel trek in en spraken onze snack verkopende steward hier
op aan. In eerste instantie kon hij hier niet veel aan doen, echter op
onze tickets stond dat het een 4-persoons couchette zou moeten zijn.
Wellicht was onze steward goed gemutst vanwege ons grootverbruik van
zijn versnaperingen want het Frans sprekende echtpaar werd naar een
andere couchette gedirigeerd. Ik (Arnold) legde hen nog in mijn beste
Frans uit dat zij een couchette verderop zouden krijgen waar het rustig
was. Later bleek dat zij zo’n beetje in het feestrijtuig van de trein
terecht zouden komen. Dag
1, 28-7-97 Eenmaal
aangekomen in Perpignan namen we een taxi naar het transportbedrijf waar
onze motoren al eerder naar toe waren gebracht. Daar ben ik met dezelfde taxi naar het dichts bijzijnde
benzinestation gegaan om een jerrycan met benzine te halen. In
Nederland hadden wij zoveel mogelijk bagage in de zijspannen van de
Chang Jiang’s gedaan, echter de motoren mochten alleen met lege tanks
in de vrachtwagen vervoerd worden. Na de inhoud van het 5 liter tankje,
met een vreemd merk benzine, over de motoren te hebben verdeeld reden
wij naar dat zelfde benzinestation om de motoren af te tanken. Van af
hier begonnen we met de eigenlijke tocht. De motoren hadden de volgende
kilometer standen; Chang Jiang,
kenteken MV-48-GD
: 28
Km. Chang
Jiang,
kenteken MV-47-GD
: 129
km. Triumph,
kenteken ZM-35-22
:
4164 Km. Triumph,
kenteken ZM-36-73
:
3964 Km. Om
9.45 uur gingen we dan eindelijk op weg. Na wat rondjes gereden te
hebben op een rotonde bij Perpignan zijn we via het centrum op de juiste
weg terecht gekomen. Het is de N-9
die we volgen richting Le Boulon. We zij nog maar amper op weg als ik
een “metalen” tik uit de Chang-Jiang hoor komen. Het lijkt wel op
pingelen en ik wil het vreemde merk benzine al de schuld geven. Na een
kleine veldoperatie blijkt dat de linker bougie los zit en dat tevens de
linker cilinderkop nog wat aangetrokken moet worden. We hadden
waarschijnlijk meer aandacht aan de nulbeurt moeten geven. We vervolgen
onze weg naar Le Boulon. Voorbij Le Boulon, in het plaatsje Céret,
stoppen we voor de lunch. Aangezien onze maaltijd in de trein niet de
meest geweldige was konden we wel wat gebruiken. Na
de lunch besluiten we door te rijden naar Ripoll om daar te
overnachten. We zijn nog maar net onderweg als van een van de
Triumphs de gaskabel breekt, ach ja, het zijn ook motoren op leeftijd.
De route naar Ripoll is prachtig, fantastische panorama’s gaan aan ons
voorbij. De Chang Jiang’s moeten er flink aan trekken, dit is
begrijpelijk want de zijspannen zijn volgepakt met bagage. De Triumphs
hebben beduidend minder moeite met het klimmen. In
Ripoll aangekomen zoeken we een camping op en zetten onze tenten op.
Daarna nemen we een verkwikkende duik in het zwembad. 'S avonds rijden
we met de Chang Jiang’s wat door Ripoll, erg praktisch die zijspannen.
Bij wat kroegjes houden we halt en drinken wat. In een van de kroegen
pakken we nog een stukje van de voetbal wedstrijd mee tussen
FC-Barcelona en, je raad het nooit, SV- Epe die op dat moment op de
televisie wordt uitgezonden. Terug
op de camping praten en drinken we nog wat met Bob uit Amsterdam. Hij
heeft op een aanhangertje zijn motor en een racefiets meegenomen en
maakt om tourbeurt tochtjes door de Pyreneeën. Daarna kruipen we onze
slaapzakken in en jawel, we gaan slapen. Dag
1 zit er op, we hebben 132 Km. afgelegd. Dag
2, 29-7-95 Km. standen: Chang Jiang
MV-48-GD :
160 Km. Chang Jiang
MV-47-GD
:
261 Km. Triumph
ZM-35-22
:
4296 Km. Triumph
ZM-36-73
:
4096 Km.
Voordat
we het ontbijt nuttigen worden nog wat noodzakelijke reparaties verricht
aan de motoren, d.w.z. de gaskabel van een van de Triumphs wordt in orde
gemaakt en van een van de Chang Jiang’s worden de hendels vastgezet.
Na het ontbijt breken we de tenten op, bepakken de motoren en vertrekken
richting Gombrèn. Bij het eerste tankstation dat we tegenkomen vullen
we de tanks. Via Gombrèn gaan we naar Marolla, een pas die op 1090 mtr.
hoogte ligt. Tijdens een koffie pauze stippelen we de route verder uit
naar Coll de Pal, (hoogte
2110 Mtr.) om vervolgens naar Super Molina te gaan . De rit hier naar
toe is een stevige klim waar de Chan Jiang’s behoorlijk moeten werken.
Door de ijle lucht is de verbranding van de motoren niet optimaal en de
temperaturen van de motoren lopen hoog op. Ondanks
dit alles blijft het een prachtige tocht met wederom geweldige
vergezichten in de Pyreneeën. Na een paar korte stops te hebben gemaakt
, omdat bij een van de Chang Jiang’s de
versnellingsbakolie zo heet was geworden dat deze uit het motorblok
spoot , komen we aan de top en.......... tevens het einde van de
verharde weg. Peter
maakt met een van de Triumphs een verkenningstocht , het is een niet al
te best pad met veel losse stenen en brokstukken , edoch we gaan door.
De Chang Jiang’s rijden wat ongemakkelijk met de zijspannen er aan .
Het is goed kijken en sturen en vooral controle over de snelheid houden,
of liever gezegd controle over de behoedzaamheid. Na
verloop van tijd blijkt dat we afdalen via een skipiste, niet bekend is
of het een blauwe, rode of zwarte afdaling is . Gelet op de
oververhitting van de remmen is het voor de motoren een zwarte piste. Na
deze afdaling vervolgen we onze weg over een meer geciviliseerde route,
iets wat ons en ook de motoren prettig bevalt. De 16 Km. lange tunnel ,
Del Cadi, is een ware verkoeling, een welkome verassing voor mens en
machine. De
E-9 brengt ons in een lekker vlot tempo naar Berga, even voorbij deze
plaats strijken we neer op een camping en besluiten een blokhut te nemen
. Dit komt ons goed uit want er komt een fikse onweersbui over. Terwijl
ik deze dag opteken wordt er nog wat gesleuteld , ach ja waarom ook
niet. 'S avonds eten we in een restaurantje dat ons is aangeraden door
het meisje bij de receptie van de camping, een taxi breng ons hier naar
toe . Het eten gaat wel, maar de bediening wordt door een man gedaan die
waarschijnlijk liever een beroep had gekozen waarbij hij niets met
mensen te maken zou hebben. Als bij zijn poging om de tafel af te ruimen
blijkt dat niet alles in een keer mee kan laat hij alles maar staan met
een wegwuivend gebaar. De man spreekt uitsluitend Spaans maar we
proberen toch te weten te komen of hier nog wat te beleven is. Hier komt
niet veel uit, als we vragen of er een taxi besteld kan worden blijkt
dat dit niet meer kan. Met veel moeite legt de man uit dat hij ons wel
terug wil brengen naar de camping, echter dat willen wij nog niet. We willen
nog even door, we vragen of hij ons wellicht later op de avond nog een
lift wil geven, de man wimpelt dit met veel gebaren af. Hij
zal waarschijnlijk niet laat naar bed willen. Na
wat omzwervingen in Berga ontdekken we wat cafés waar voornamelijk de
plaatselijke jeugd samen komt, we drinken wat en besluiten terug te
lopen naar de camping. Onderweg
terug vallen ons groene laserstralen op die de donkere avondlucht
inschieten. We gaan er op af en komen uit bij een gigantische discotheek
aan de rand van Berga. Het is dan ongeveer twaalf uur als we naar binnen
gaan en het is nog rustig. Na 01.00 uur begint het aardig druk te worden en we storten ons in het Bergase nachtleven. Peter en ik
beklimmen zelfs de aanwezige danskooien terwijl Rob en Harry aan een van
de vele bars hun contactuele eigenschappen in praktijk brengen. Aardig
is om te vermelden dat om ongeveer half 3 wij onze bediende uit het
restaurantje tegen komen en wat blijkt..... hij is de eigenaar van deze
discotheek! We praten wat met hem, voor zover dit gaat, en verlaten
vroeg in de ochtend, met een cassette bandje met de muziek van deze
avond, de discotheek. De terugweg gaat niet van een leien dakje, Harry
stort zich zelf in een greppel, maar uiteindelijk bereiken we toch de
camping. Dag
3, 30-7-95 Chang- Jiang
MV-48-GD :
279 Km. Chang-Jiang
MV-47-GD
:
375 Km. Triumph
ZM-35-22
:
4434 Km. Triumph
ZM-36-73
:
4221 Km. We
beginnen de dag rustig, gelet op de vorige avond. We rijden via de C-154
naar Vic, de bosbranden die hier gewoed hebben geven de omgeving een
troosteloos aanzien . Zwart geblakerde bomen en verschroeide aarde. Het
rijden in de bergen went snel en de vaardigheid komt er aardig in . 20
km. voor Vic gooien we de tanks weer eens vol . We nemen de N-141C richting
Sant Celoni, onderweg komen we wat oude motoren tegen, het lijken Moto
Becane’s die daar waarschijnlijk een rit hadden. Op een gegeven moment
passeren we een tentje met en paar mensen
in groene hesjes dat langs de weg staat . Op de weg staan oranje
pionnen , we denken dat dit bij de club van de Moto becane’s hoort en
rijden in volle vaart, vriendelijk zwaaiend, voorbij. Achteraf blijkt
dit het begin van een natuurgebied te zijn ( Parc Natural de L’home)
waar men wellicht iets moet betalen. De route door dit gebied is
opvallend groen , veel bomen en struiken markeren de weg welke overigens
vers geasfalteerd lijkt en bijzonder prettig rijdt.
Boven aan de berg gekomen staan daar op een parkeerplaats wat
auto’s , en men kan daar genieten van een prachtig uitzicht. We
stoppen even, echter een man, ook gekleed in zo’n groen hesje ,
probeert ons wat wijs te maken dat lijkt op dat we hier niet mogen
stoppen of zo iets, veel zin in deze discussie hebben we niet dus rijden
we meteen weer door. Eenmaal
het park uitgekomen rijden we richting de kust en houden even halt in Lloret
de Mar. Hier zijn we dan in het deel van Spanje waar broodjes kaas en
“kroketje van Edje” gemeengoed zijn. We rijden door naar Tossa de
Mar , iets minder erg dan Lloret de Mar maar toch. Onze motoren, die absoluut afwijken van de glimmende , snelle , meestal Japanse motoren die hier blijkbaar wel thuis horen , trekken veel aandacht. Bij een strandtent strijken we neer en nemen wat te drinken . Omdat we hebben besloten ons, en de motoren, een rustdag te gunnen nemen we onze intrek in een hotel. De motoren kunnen we in de parkeergarage zetten, alwaar ze tot dinsdag blijven staan , olie lekkend en wel. Dag
4, 31.7.95 Er
wordt niet gereden. Dag
5, 1-8-95 Chang-Jiang
MV-48-GD :
430 Km. Chang-Jiang
MV-47-GD :
526 Km. Triumph
ZM-35-22 :
4606 Km. Triumph
ZM-36-73 :
4392 Km. We
vertrekken uit Tossa de Mar richting Llagostera, even buiten Tossa de
Mar zien we dat er een kart-baan is waar we even gebruik van gaan maken.
De karts zijn niet echt snel dus van enig spektakel is geen sprake. Van
Llagostera rijden we over de GE 674 naar Galdes de Malavella. Hier zijn
warm water bronnen die wij niet bezocht hebben. Er was overigens weinig
te beleven in dit plaatsje. Vanaf Caldes de Malavella gaan we richting
Sta.Coloma de Farners over de C-253, van daar uit besluiten we om de
GE-551 te nemen , een prachtige route wederom met veel bochten, zowel
stijgend als dalend. Via Sant Hilari Sacalm gaan we over de GE-541 naar
Sant Sadurni d’Osomort om daarna te stoppen in Sant Julia de Vilatorta. Hier
drinken we wat en besluiten om een plek voor de overnachting te zoeken.
Wat plaatselijke jongens en meisjes leggen ons in hun beste Engels,
gemixt met wat Spaans, uit dat er even verderop een camping is . Dit
“even verderop” blijkt nog een aardige rit te zijn, voor een groot
deel over onverharde weg die aan het einde met een helling van 10% naar
beneden loopt. We checken in bij camping
El Pont. Terwijl we dit doen barst er een onweersbui los gepaard met
hagel. Gelukkig kunnen we een grote tent betrekken , die normaal door
groepen van zo’n 30 personen wordt gebruikt , dit scheelt ons weer de
tenten op- zetten en deze tent biedt naast veel ruimte ook nog een
kachel (!), die we, ondanks dat het augustus is, toch aansteken. Als we
alles uitgepakt hebben biedt de tent een aanblik als of we met 14 man
zijn in plaats van 4. We
nuttigen de maaltijd in de kantine en gaan niet al te laat naar bed, in
de stapelbedden wel te verstaan. Dag
6, 2-8-95 Chang-Jiang
MV-48-GD :
555 Km. Chang-Jiang
MV-47-GD :
651 Km. Triumph
ZM-35-22 :
4743 Km. Triumph
ZM-36-73 :
4528 Km. Na
het ontbijt vertrekken we van de camping El Pont. We vragen de route
naar het stuwmeer, Embalse
de Sau. De dame van de camping legt uit hoe we moeten rijden . De weg er
naar toe is deels onverhard maar toch goed te doen. Als we een verlaten
boerderij passeren worden we begeleid door een 3 tal grommende
herdershonden die wel erg duidelijk aangeven dat dit hun gebied is, dus
gang houden. We komen uit bij de stuwdam en rijden de weg boven op de
stuwdam op. In de dam zitten turbines die stroom opwekken. Wanneer de deurenkleppen
van de dam zouden worden opengezet stort het water in een betonnen
waterbaan , zo’n 80 á 90 meter de diepte in. Van af de dam kunnen we
via 3 wegen verder. Op de camping hadden ze ons verteld dat er een
onverharde weg langs het meer loopt die met de motor wel te doen is. Aan
een man die ter plekke bezig is de boel wat aan te vegen vragen we welk
pad het beste te volgen is, links of rechts van het meer , zijn advies
luidt, links. We
dalen de betonnen weg af langs de elektriciteit centrale , de weg gaat
over in een onverhard rotsachtig pad. Het is en slecht begaanbaar pad
waar menig trial rijder idolaat van zou worden. Als we even door rijden
wordt ons pad gekruist door een riviertje , Peter steekt eerst te voet
het water over, hij heeft hiervoor zijn schoenen uitgetrokken en
bedachtzaam loopt hij verder, totdat hij zich verstapt en zoekt steun
met de hand waarin hij zijn schoenen vast heeft, en ja die worden dan
toch nat. We steken over met de motoren. Na enige honderden meters berg
opwaarts te hebben gereden wordt het pad dermate stijl, en worden de
rotsblokken als maar groter dat je
alleen met goed getrainde muilezels verder kan. We
besluiten terug te gaan. Al lijkt naar beneden eenvoudiger dan omhoog,
toch is het weer zeer behoedzaam te werk gaan. Eenmaal terug bij de dam
gekomen kiezen we de weg naar Rupit. De bergen zien er hier uit als de
Rocky Mountains, en het stuwmeer blijkt vroeger een dorpje te zijn
geweest , de spits van het kerktorentje steekt hiervan als stille
getuige boven het water uit. De
rotspartijen steken grillig af tegen de blauwe hemel . In Rupit
aangekomen rijden we door nauwe steegjes naar een pleintje waar we wat
gaan drinken. Voorlopig hebben we genoeg rotspaden bedwongen , vanuit
Rupit rijden we over de C-153 naar Olot en rijden van daaruit door naar
Camprodon alwaar we in hotel Guell overnachten. De motoren gaan via een
grote garagedeur naar binnen . De garage ademt en klassieke sfeer uit
geheel in overeenstemming met het hotel. Hier reden waarschijnlijk
vroeger de Hispano Suiza’s en Minerva’s statig naar binnen. 'S
avonds blijkt de feestweek van Camprodon te beginnen, op het plein bij
de kerk installeert zich het plaatselijk muziekkorps en speelt typisch Catalaanse
muziek. De bevolking vormt een kring die steeds groter wordt en danst
een waarschijnlijk regionale volksdans.
We drinken nog een biertje op een terras en gaan dan terug naar
het hotel. Dag
7, 3-8-95 Chang-Jiang
MV-48-GD :
644 Km. Chang-Jiang
MV-47-GD :
753 Km. Triumph
ZM-35-22 :
4858 Km. Triumph
ZM-36-73 :
4628 Km. In
de garage van het hotel peilen we de olie en bemerken dat er wel wat bij
mag. Even buiten Campodron halen we bij een tankstation het
noodzakelijke sap . Omdat we naar de kust terug willen, rijden we een
stukje terug naar Olot. Daar nemen we de N-260 naar Figueras ,
halverwege halen we de begrenzingpinnetjes, die voorkomen dat de gasschuiven
helemaal open kunnen, uit
de carburateurs van de Chang-Jiang MV-48-GD, dit hadden we al eerder
gedaan bij de MV-47-GD. Het resultaat is dat de gang er goed in komt bij
deze weliswaar nieuwe motoren, maar met de techniek uit 1938 (BMW R-70).
De weg naar Rosas loopt naar beneden dus al bulderend rijden we hier op
af. We rijden naar een van de vele campings en nemen een polyester stacaravan,
binnen in dit gevaarte is het niet uit te houden van de hitte. We
nemen een verfrissende duik in de zee en verpozen daarna wat voor ons
onderkomen. 'S
avonds lopen we wat door Rosas en kijken waar we wat kunnen eten. Bij de
meeste restaurants zit het
vol, we zien nog een plaatsje bij een Mexicaans restaurant ,de bediening
is druk in de weer echter weet ons tafeltje niet te bereiken dus we
stappen maar op. Even verder op zien we een restaurant dat het niet zo
druk heeft dus besluiten we daar naar toe te gaan, echter al gaande weg
blijkt waarom het hier niet zo druk is, zo’n beetje alles is hier
slecht. Na
het eten drinken we nog wat en belanden dan via een aanwijzing van een
taxi chauffeur in het nachtleven van Rosas. Dag
8, 4-8-95 Chang-Jiang
MV-48-GD :
732 Km. Chang-Jiang
MV-47-GD :
842 Km. Triumph
ZM-35-22 :
4957 Km. Triumph
ZM-36-73 :
4725 Km. Het
was een enerverende en zware nacht , we nemen wat koffie tot ons en
verlaten Rosas via de GE-610 richting Vilajuïga, vandaar gaan we over
op de N-114 welke langs de kust loopt. Dit is een mooie route met
fantastische uitzichten op de kleine havenplaatsjes die hier aan de
baaien liggen. Onderweg komen we een hele karavaan
wielrenners tegen, kompleet met bezemwagens, die daar een
afdaling aan het maken waren. We rijden stevig door, voorzover er van
stevig te spreken is, om rond het middaguur in Perpignan te zijn. Het
ontbreekt ons helaas aan tijd om wat van de havenplaatsjes aan te doen.
met name Portbou en Port-Vendres zijn erg leuk. Het laatste stuk naar
Perpignan is recht toe, recht aan, en al snel zijn we bij het
transportbedrijf Lifroca waar we de motoren weer in de loods plaatsen.
We leggen wat karton onder de motoren want na deze pittige exercitie
zweet de olie, met name bij de Triumphs , er behoorlijk uit. De motoren
zien er goed “bereisd” uit , het vele stof van onderweg zit
werkelijk overal aangekoekt. Nadat
we ons hebben afgemeld nemen we een taxi naar het station. In het
tegenover liggende hotel nemen we een kamer om ons te douchen en klaar
te maken voor de terugreis met de trein. We hebben nog wat tijd en lopen
Perpignan in, de stad heeft een aardig centrum met veel groen en
palmbomen, en er loopt een soort kanaaltje door de stad. Aangezien
de keukens van de restaurants op dit tijdstip (14.30 uur) nog niet open
zijn nemen wij wat fastfood tot ons . In een park strijken we even
neer op het gras, daarna kopen we wat fruit, drinken etc. in een
buurtwinkeltje , de eigenaar werkt met de snelheid van weleer dus het
duurt wel even voor we de winkel uit zijn. Om 18.34 uur stappen we in de trein en aanvaarden de terugreis. De afgelopen week lijkt veel langer dan de 8 dagen geduurd te hebben , het was ook een bijzonder leuke rit om met de motor te doen. De volgende dag stappen we uit op het station Naarden-Bussum en kunnen stellen dat motor rijden hier nooit dat zal bieden als onze rit door het Spaanse landschap.
|
|
| Peter
Bos (1995-2003)
|
|
Een andere vakantie in Spanje: |
|
De onderstaande 2 foto's zijn gemaakt door Peter Bos tijdens een vakantie op de smokkelaarroute van Spanje naar Andorra in de Pyreneeën. |
|
|
|
Deze foto werd gemaakt net nadat we en enerverende tocht achter de rug hadden. De smokkelroute Spanje/Andorra via modderige paden en beekjes doorwadend. Eindelijk de bergen uitkomend werden "verwelkomd" door het Spaanse leger die naar later bleek ons al de hele dag in de gaten heeft gehouden. De commandant was niet vriendelijk maar nadat hij weg was wilde zijn onderdanen maar wat graag met ons op de foto. Weer een mooie belevenis.
Meer info of (positieve) reacties, sturen naar:
|
|
|